Analyse
In het licht van de aanhoudende klachten over de kwaliteit, betrouwbaarheid en bereikbaarheid van de telecommunicatiedienstverlening sinds de verkoop van UTS aan Flow, is het noodzakelijk opnieuw fundamenteel te kijken naar de inrichting van de Curaçaose telecommarkt. Burgers en bedrijven ervaren storingen, gebrekkige klantenservice en relatief hoge kosten, terwijl betrouwbare telefonie en internet inmiddels onmisbaar zijn voor onderwijs, zorg, ondernemerschap en overheidsdiensten.
De oplossing ligt niet noodzakelijk in nóg meer afzonderlijke netwerken. Voor een klein eiland als Curaçao kan één sterke, neutrale en streng gereguleerde digitale infrastructuur onder Curaçaose regie doelmatiger zijn. Meerdere dienstverleners kunnen daarvan gebruikmaken en met elkaar concurreren op prijs, kwaliteit, innovatie en klantgerichtheid.
Eén infrastructuur, meerdere dienstverleners
Binnen dit model beheert één onafhankelijke infrastructuuraanbieder de essentiële digitale basis van Curaçao. Het gaat onder meer om glasvezel, kabelgoten, zeekabelcapaciteit, landingsstations en andere belangrijke verbindingen.
Deze aanbieder krijgt daarvoor een bijzondere concessie, maar mag zelf geen internet-, telefonie- of andere telecomdiensten aan burgers en bedrijven verkopen. Hij functioneert uitsluitend als neutrale beheerder van het netwerk.
Lokale en internationale dienstverleners huren vervolgens onder gelijke en transparante voorwaarden capaciteit. Zij hoeven niet ieder opnieuw dezelfde kostbare kabels en technische installaties aan te leggen, maar kunnen hun middelen inzetten voor betere abonnementen, hogere snelheden, vernieuwende producten en goede klantenservice.
Nummerportabiliteit (verplichte invoering noodzakelijk) maakt overstappen mogelijk
Een gedeelde infrastructuur leidt pas tot echte concurrentie wanneer klanten ook eenvoudig van aanbieder kunnen wisselen. Daarom is nummerportabiliteit een onmisbare voorwaarde.
Voor burgers en bedrijven is een telefoonnummer vaak jarenlang verbonden met familie, klanten, banken, zorgverleners en overheidsinstanties. Wie bij een overstap zijn nummer moet opgeven, ondervindt praktische en economische nadelen. Dat maakt klanten onnodig afhankelijk van hun bestaande aanbieder.
Met nummerportabiliteit kunnen zij overstappen zonder hun nummer te verliezen. Dienstverleners die slechte kwaliteit leveren of te hoge tarieven rekenen, lopen dan daadwerkelijk het risico klanten kwijt te raken. De telecomregulator moet daarom duidelijke technische normen, korte overstaptermijnen en sancties bij vertraging vaststellen.
Bescherming tegen marktoverheersing
Curaçao moet tevens voorkomen dat zijn digitale toekomst volledig in handen komt van enkele grote buitenlandse telecom- of technologiebedrijven. Een kapitaalkrachtige multinational kan tijdelijk zeer lage prijzen hanteren, verliezen opvangen en kleinere lokale aanbieders uit de markt drukken.
Wanneer voldoende concurrenten zijn verdwenen, kan zo’n onderneming haar tarieven verhogen, voorwaarden aanscherpen of toegang beperken. Het eiland wordt dan afhankelijk van een commerciële partij waarop het zelf weinig invloed heeft.
Door de infrastructuur en de dienstverlening van elkaar te scheiden, kan geen enkele telecomaanbieder het netwerk gebruiken om concurrenten buiten te sluiten. Alle erkende dienstverleners krijgen onder dezelfde voorwaarden toegang.
Lagere maatschappelijke kosten
Telecommunicatie-infrastructuur vraagt grote investeringen. Wanneer drie of vier bedrijven ieder eigen glasvezel, internationale capaciteit, noodstroom en technische voorzieningen moeten financieren, worden dezelfde kosten meerdere keren gemaakt.
Op een markt van ongeveer 160.000 inwoners moeten die investeringen vervolgens over relatief weinig klanten worden terugverdiend. Uiteindelijk worden de kosten verwerkt in de tarieven die huishoudens en bedrijven betalen.
Een gedeeld netwerk kan deze lasten beter over de gehele markt spreiden. Dat is vooral belangrijk op Curaçao, waar veel huishoudens beperkte financiële ruimte hebben. Betaalbare telefonie en internet zijn niet langer luxeproducten, maar basisvoorzieningen voor deelname aan de samenleving en economie.
Curaçaose regie en onafhankelijk toezicht
De digitale infrastructuur moet onder Curaçaose wet- en regelgeving blijven vallen. De telecomregulator moet toegangstarieven kunnen toetsen, gelijke behandeling afdwingen en toezicht houden op investeringen, onderhoud, veiligheid en nummerportabiliteit.
Ook moet worden voorkomen dat de infrastructuurbeheerder zelf wordt overgenomen door een partij die daardoor alsnog de controle over het netwerk verkrijgt. De concessie moet daarom duidelijke regels bevatten over eigendom, aandelenoverdracht en zeggenschap. Bij strategische beslissingen moet het publieke belang vooropstaan.
Redundantie als harde verplichting
Eén infrastructuurbeheerder mag niet betekenen dat Curaçao afhankelijk wordt van één kabel, route of technisch knooppunt. Daarom moet redundantie een harde concessievoorwaarde zijn.
Er moeten meerdere internationale verbindingen, alternatieve routes, noodstroomvoorzieningen en herstelplannen beschikbaar zijn. Bij een kabelbreuk, cyberaanval of stroomstoring moet de dienstverlening zo veel mogelijk doorgaan.
Concurrentie in het belang van Curaçao
Curaçao heeft geen onbeschermde markt nodig waarin de grootste onderneming uiteindelijk de volledige digitale keten beheerst. Het eiland heeft een open markt nodig met nationale regie, gelijke toegang, nummerportabiliteit en onafhankelijk toezicht.
Eén neutrale en technisch betrouwbare infrastructuur beschermt het land tegen ongewenste afhankelijkheid. Tegelijkertijd behouden burgers en bedrijven de vrijheid om te kiezen tussen verschillende dienstverleners.
Dat is geen beperking van concurrentie. Het is concurrentie organiseren op de onderdelen waar de bevolking werkelijk voordeel van heeft:
Geen reguliere indexatie, wel gemiste indexatie