Krijgen lokale start-ups werkelijk een eerlijke kans?

Analyse

Vragen over controles, fiscale begeleiding en gelijke behandeling in de kwetsbare opstartfase

Naar aanleiding van een recent gepubliceerd artikel in Clarity Media hebben wij verschillende reacties ontvangen van lokale ondernemers en belastingadviseurs. De rode draad in deze reacties is opvallend en verdient een serieus, open en zorgvuldig antwoord:

Wat is precies de bedoeling van de Belastingdienst met lokale startende ondernemingen?

Veel start-ups bevinden zich in hun eerste maanden nog in een kwetsbare opbouwfase. Zij moeten klanten zoeken, investeren in apparatuur, personeel of automatisering, vergunningen regelen en tegelijkertijd aan uiteenlopende fiscale en administratieve verplichtingen voldoen. Vaak gebeurt dit met beperkt eigen vermogen en zonder ruime toegang tot financiering.

Juist in die fase ervaren sommige ondernemers intensieve controles, herhaalde bezoeken, waarschuwingen of een benadering die zij als streng en weinig begeleidend ervaren. Dat roept de vraag op of voldoende rekening wordt gehouden met de werkelijkheid van een onderneming die nog nauwelijks de gelegenheid heeft gehad om haar organisatie volledig op orde te brengen.

Is de eerste reactie begeleiding of sanctionering?

Niemand betwist dat iedere ondernemer zich aan de wet moet houden. Belastingen moeten correct worden aangegeven en administraties moeten betrouwbaar zijn. Maar toezicht kan ook proportioneel, voorspelbaar en menselijk worden uitgevoerd.

Wordt een startende ondernemer bij een eerste tekortkoming duidelijk uitgelegd wat moet worden verbeterd en binnen welke redelijke termijn? Of wordt al snel een waarschuwende of sanctionerende toon gekozen? En hoe wordt beoordeeld of een tekortkoming voortkomt uit onwil, of juist uit de normale problemen van een prille onderneming?

Een overheid die ondernemerschap wil stimuleren, moet niet alleen controleren, maar ook richting geven. Zeker bij ondernemers die proberen zelfstandig in een waardig bestaan voor zichzelf en hun familie te voorzien.

Geldt voor iedere ondernemer dezelfde maatstaf?

Een terugkerende en gevoelige vraag is of alle ondernemingen in vergelijkbare omstandigheden op dezelfde wijze worden behandeld.

  1. Worden bedrijven van lokaal geboren ondernemers, migranten en ondernemers met Europees-Nederlandse eigenaren of aandeelhouders met dezelfde frequentie gecontroleerd?
  2. Worden dezelfde beoordelingscriteria, hersteltermijnen en waarschuwingen toegepast?

Voor ongelijke behandeling bestaat op dit moment geen vastgesteld bewijs. Juist daarom is transparantie noodzakelijk. De Belastingdienst zou duidelijk moeten kunnen uitleggen hoe bedrijven voor controles worden geselecteerd, welke risicocriteria worden gebruikt en welke waarborgen bestaan om willekeur of de schijn daarvan te voorkomen.

Kan de Belastingdienst het vertrouwen versterken?

De discussie hoeft niet te gaan over controle óf geen controle. Zij moet gaan over eerlijke, gelijke en proportionele controle.

Publiceer daarom heldere richtlijnen voor toezicht op start-ups. Bied eerst herstelruimte waar dat verantwoord is. Maak inzichtelijk hoeveel startende bedrijven worden gecontroleerd en op basis van welke objectieve criteria.

Want uiteindelijk blijft één vraag centraal staan:

  1. Wil Curaçao lokale ondernemers helpen uitgroeien tot sterke werkgevers en vermogensbouwers, of

  2. worden zij al in de eerste maanden ontmoedigd voordat zij een eerlijke kans hebben gekregen?

 

Also listen on

Gosa di akseso ilimita

Already a subscriber?

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *