Reflectie

Reflectie
Als we zeggen wie we zijn, is het eerste woord bijna altijd: klein. Klein van oppervlakte. Klein in aantal inwoners. Het staat zelfs in ons volkslied. Maar het WK 2026 heeft ons een nieuwe waarheid getoond: Curaçao is klein van formaat, maar groot van kracht.
Die kracht is onze diaspora. Zonen en dochters van Curaçao die in het buitenland wonen, met Curaçaos bloed, oorsprong en liefde voor dit eiland in hun hart. Van de Major League Baseball met namen als Hensley Meulens, Andruw Jones, Yurendell de Caster en Kenley Jansen, tot Didi Gregorius die een honkbalveld in Bandabou liet aanleggen voor onze kinderen. Zij zijn hun herkomst niet vergeten. Ze stuurden ballen, handschoenen, geld, tijd en hoop naar Curaçao.
Dat potentieel is tot nu toe vooral onbenut gebleven. Als iedereen, net als ons voetbalteam recent gedaan heeft, met hun band met Curaçao structureel bij te dragen aan het welzijn van dit eiland, groeien onze mogelijkheden. Verbeteren onze levensomstandigheden. Met grote stappen. Wat nu ontbreekt, is de officiële erkenning: Eén week per jaar, volledig gewijd aan de Curaçaose Diaspora. Met inhoud. Met diepgang.
Curaçaose Diaspora Week: Vieren. Verbinden. Bouwen.
Zo’n week is geen feest voor één huidskleur, ras of deel van ons land. Het is voor iedereen met affiniteit met Curaçao. Voor onze identiteit, onze Papiamentu, onze geschiedenis, onze gebruiken. Een week waarin Curaçao zijn armen opent voor de wereld die buiten onze grenzen leeft, maar waarvan het hart hier klopt.
Ik roep daarom alle sectoren op: doe mee. Overheid, bedrijfsleven, toerisme, luchtvaart, handel, cultuur, sport, onderwijs, media. Kom niet alleen met mooie praatjes. Kom met concrete, nuttige en uitvoerbare ideeën.
Onze mensen in het buitenland moeten bewust naar Curaçao willen komen in die week. Om dat mogelijk te maken, moeten we faciliteren. Dit is de basis om mee te starten:
Waarom nu? Omdat het ijzer heet is.
WK 2026 heeft Curaçao op de wereldkaart gezet. Blue Wave liet zien wat eenheid doet. De diaspora droeg ons op haar schouders naar dat podium. Dit is het moment om die trots om te zetten in beleid, in projecten, in investeringen, in kennis, in de toekomst. Het kan niet zo zijn dat we “diaspora” roepen als we moeten voetballen, maar zwijgen als het gaat om een platform voor het welzijn van het land.
Het doel is glashelder: Curaçao bekender, aantrekkelijker en levendiger maken voor iedereen die wil reizen, investeren, leren en bijdragen. Laten we Curaçao daar neerzetten!
Ik daag onze leiders, bestuurders, ondernemers en instellingen uit: Kom nu met je voorstel aan tafel. Wat kan jouw sector bieden tijdens de Diaspora Week? Wat is jouw concrete bijdrage om deze week elk jaar groter, indrukwekkender en impactvoller te maken?
Laten we dat bericht, goed onderbouwd, de internationale pers in sturen: Curaçao vraagt geen hulp. Curaçao roept haar familie terug naar huis om samen te bouwen aan een beter Curaçao.
Want als we verenigd zijn, bestaat ‘klein’ niet meer. Diaspora Week. Een klein eiland. Een groot volk.
Erwin Raphaëla
Slow living betekent ook niet dat iedere dag rustig moet zijn.
Een keuze is juridisch vrijwillig wanneer een land “nee” mag zeggen. Maar hoe vrijwillig is die keuze economisch wanneer aan dat “nee” zware consequenties kunnen worden verbonden?
Curaçao viert zijn kampioenen graag. Maar wie duurzame sportprestaties en een gezondere samenleving wil, moet eindelijk investeren in mensen, middelen en beleid.