Reflectie

Reflectie
Curaçao heeft geschiedenis geschreven. Met deelname aan de FIFA World Cup 2026 heeft ons eiland wereldwijd een nieuw beeld van zichzelf neergezet. Blue Wave is meer dan een voetbalnaam; het is een symbool van geloof, discipline, talent, organisatie en nationale trots.
Maar de dag ná zo’n historisch moment is misschien belangrijker dan de dag zelf. De vraag is niet alleen hoe trots wij zijn, maar hoe wij deze zichtbaarheid gebruiken om Curaçao duurzaam te ontwikkelen.
Curaçao heeft bewezen dat een klein eiland groot kan zijn wanneer visie, talent en structuur samenkomen. Die les moet worden vertaald naar economie, onderwijs, arbeidsmarkt en bestuur. Toerisme blijft belangrijk, maar Curaçao kan niet afhankelijk blijven van één of enkele sectoren. Een duurzame economie vraagt om nieuwe pijlers. Daarbij moeten wij eerlijk zijn: Curaçao is te klein om alles tegelijk te willen doen.
Focus is noodzakelijk. Curaçao moet kiezen voor twee of drie sectoren waarin wij werkelijk onderscheidend kunnen zijn: bijvoorbeeld digitale dienstverlening, fintech, duurzame energie, moderne landbouw, voedselzekerheid, maritieme dienstverlening, creatieve industrie, sportontwikkeling of gespecialiseerde zakelijke dienstverlening.
De vraag is niet wat aantrekkelijk klinkt, maar waar Curaçao geloofwaardig kan bouwen aan werkgelegenheid, kennis en toegevoegde waarde.
Onze diaspora verdient een centrale plaats. Curaçaoënaars in het buitenland beschikken over kennis, netwerk, kapitaal en internationale ervaring. Maar mooie woorden zijn niet genoeg. Wie buiten Curaçao woont, zal alleen juist hier investeren wanneer vertrouwen, transparantie, rechtszekerheid, professionele projecten en een duidelijke investeringsstructuur aanwezig zijn.
Wij moeten eerlijk kijken naar onze bestuurscultuur. Na bijna ieder historisch moment klinkt de oproep tot een nieuw nationaal plan. Vaak begint het met enthousiasme, daarna volgen commissies, rapporten en werkgroepen. Te vaak verdwijnt het resultaat in een la, zonder uitvoering, verantwoordelijkheid of rekenschap.
Dat roept een ongemakkelijke vraag op: kunnen wij verandering verwachten wanneer de macht om verandering te sturen in handen blijft van structuren of belangen die voordeel halen uit stilstand? Als de macht om de regen te controleren wordt gegeven aan iemand die paraplu’s verkoopt, moeten wij ons dan verbazen dat de zonnige dag steeds wordt uitgesteld?
Die gedachte is geen beschuldiging, maar een waarschuwing. Ontwikkeling vraagt om openheid, onafhankelijkheid en bestuurlijke moed.
Dat patroon moeten wij doorbreken. Niet met opnieuw een commissie, maar met duidelijke verantwoordelijkheid: wie krijgt het mandaat, binnen welke termijn moet er resultaat zijn en wie legt verantwoording af?
Binnen negentig dagen moet er een concreet actieprogramma liggen met prioriteiten, verantwoordelijken, tijdlijnen, financieringsbronnen en meetbare resultaten. Curaçao heeft geen behoefte aan nog een rapport. Curaçao heeft behoefte aan uitvoering.
Bestuurlijke en financiële randvoorwaarden mogen niet worden genegeerd. Begrotingsdiscipline, beschikbare middelen, institutionele afspraken en internationale verplichtingen bepalen mede wat mogelijk is. Eigen koers vraagt daarom om realisme, strategisch leiderschap, sterke onderhandelingen en professioneel bestuur.
Investeerders kijken niet alleen naar kansen, maar ook naar bestuurlijke betrouwbaarheid, vergunningstrajecten, rechtszekerheid, beleidscontinuïteit en nagekomen afspraken. Als investeerders Curaçao vermijden, kan dat mede het gevolg zijn van onvoldoende vertrouwen in de uitvoering.
De diepste les van Blue Wave is dat succes niet uit toeval voortkomt. Het vraagt geloof, voorbereiding, discipline, talentontwikkeling, leiderschap en langetermijninvestering in mensen. Dat model verdient navolging in de manier waarop wij ons land organiseren.
Economische ontwikkeling heeft pas betekenis als de bevolking daarvan de vruchten plukt. Groei die alleen zichtbaar is in cijfers, maar niet voelbaar is aan de keukentafel, mist haar doel.
Daarom moet Curaçao het gesprek over inkomen breder voeren dan alleen minimumloon. De echte vraag is of mensen menswaardig kunnen leven: kunnen zij huur, water, elektriciteit, vervoer, schoolkosten, voeding en basiszorg dragen, en iets opzijzetten voor tegenslag?
Een samenleving moet niet alleen vragen welk loon wettelijk minimaal is toegestaan, maar welk bestaansminimum nodig is om waardig te leven. Nieuwe investeringen moeten daarom fatsoenlijke banen, opleiding, doorgroeimogelijkheden en koopkracht creëren.
De dag na Blue Wave vraagt om meer dan applaus. Zij vraagt om bestuurlijke volwassenheid, concrete keuzes, vertrouwen en uitvoering.
Curaçao wint pas echt wanneer zichtbaarheid wordt omgezet in duurzame ontwikkeling, nationale trots leidt tot nationale verantwoordelijkheid en vooruitgang voelbaar wordt in het dagelijkse leven van de Curaçaose bevolking.
Pago mensual pa un kas por kuminsá for di XCG 550.